De gemene deler van cultuur en Defensie

Salima Belhaj is sinds 2016 Kamerlid voor D66. Daarvoor was ze jarenlang actief in de culturele sector. Als woordvoerder van zowel Kunst en Cultuur als van Defensie vertelt zij ons hoe zij een veilig Nederland voor zich ziet. 

U heeft een culturele achtergrond, en nu bent u woordvoerder van Defensie voor D66. Hoe is dat zo gekomen? 
‘Dat is inderdaad iets wat veel mensen verbaast. Toen ik in de Tweede Kamer kwam, nam ik de Defensieportefeuille over van mijn voorganger, Wassila Hachchi, iets dat ik graag wilde. Tijdens mijn fractievoorzitterschap in Rotterdam was ik begonnen met een master internationale betrekkingen in historisch perspectief, en een halfjaar daarvoor had ik ook al eens gekeken of ik reservist kon worden. Ik had een prima baan, een leuke politieke carrière, maar ik vond het interessant om me daarnaast ook voor Defensie in te zetten, omdat dat werk gaat over vrede en mensen beschermen die dat nodig hebben.’ 

Defensie is een hele complexe organisatie. Hoe was het om daar binnen te komen? 
‘Toen ik begon, wist ik niets over hoe Defensie werkte als organisatie, noch over de grote politieke thema’s die er speelden. Maar als je als nieuweling de Kamer binnenkomt, bieden veel mensen zich aan om je te helpen. Ze kijken namelijk naar je cv en denken: ‘Oei, ze weet helemaal niks van Defensie.’ Dus dan zei ik: ‘Kom maar langs, vertel het maar!’ Daarnaast heb ik ook veel gesproken met mensen van universiteiten, en binnen mijn eigen partij hebben we de themagroep “Veiligheid en Defensie”, daar zitten bijvoorbeeld ook oud-militairen in. Dus ik had oneindig veel bronnen van kennis. Het eerste jaar bestond dan ook vooral uit mensen die me wilden voeden met dingen die ik echt moest weten.’ 

Hoe vindt u dat de krijgsmacht er nu voor staat? 
Volgens mij gaat de krijgsmacht er stap voor stap op vooruit. Maar het verval van de afgelopen 25 jaar is heel ernstig, en vooral het feit dat men maatschappelijk gezien niet doorhad wat er aan de hand was. De emotie en boosheid van veel militairen snap ik wel. Dus het is fantastisch dat er veel geld is bijgekomen de laatste tijd. Maar een organisatie die zo lang is afgebroken, bouw je niet in korte tijd weer op. In mijn tijd als lid van de commissie voor Defensie heb ik meegemaakt hoe veiligheid een groot thema is geworden. Bijvoorbeeld met de zaak van Schaarsbergen, van Ossendrecht en het ongeluk op Curaçao; talloze incidenten die weergeven dat een organisatie die zo verwaarloosd is fouten gaat maken, waarbij er uiteindelijk mensenlevens verloren gaan.’ 

Die fouten zijn volgens u terug te voeren op bezuinigingen? 
‘Niet direct, want iedere casus heeft zijn eigen achtergrond. Er is wel geconcludeerd dat als er geen duidelijke veiligheidsinstructies zijn, er een groter risico op ongelukken bestaat. In Ossendrecht was bijvoorbeeld de schietbaan niet in orde. Hoeveel mensen hadden dat al aangegeven? Als je meer slachtoffers hebt tijdens oefeningen dan op een missie, gaat er iets niet goed. De krijgsmacht vindt dat moeilijk, want het is een organisatie met mensen die allemaal hun best willen doen. Als reactie geven ze: ‘Er waren bezuinigingen, we hebben geprobeerd om gewoon door te gaan. Zien jullie niet hoe hard we onze best doen?’ Dat zien we wel, maar dat betekent niet dat de politiek er niets aan moet doen om te voorkomen dat het fout gaat. Het is een combinatie van factoren. Ik zou niet zeggen dat het een-op-een te herleiden is, maar wel dat het hele herstel intern nodig is om zulke dingen te voorkomen.’ 

Waarin onderscheidt D66 zich specifiek als het gaat om Defensie? 
‘Dat gaat over het Europese leger: het openstellen van de Nederlandse krijgsmacht voor EU-onderdanen. Daar heb ik een jaar geleden een initiatiefnota over ingediend, met veel discussie tot gevolg. Ik was de polariserende manier van debatteren zat: ben je voor de Europese krijgsmacht, dan ben je automatisch tegen de nationale soevereiniteit. Ik heb een poging gedaan om te laten zien wat het zo’n leger echt voor ons zou kunnen betekenen.  

‘Er zijn veel dreigingen in de wereld, maar als Nederland zijn wij te klein om daar volwaardig een rol in te vervullen. En dat geldt ook voor veel andere Europese landen die financieel nog aan het herstellen zijn. Natuurlijk hebben we de NAVO, maar dat is een militair verdedigingsmechanisme en iets anders dan een Europese samenwerking. Dan zouden we bijvoorbeeld een verzoek van de VN gezamenlijk kunnen opvolgen, in plaats van elkaar steeds afwisselen. Daarnaast hebben we nu al 8500 vacatures bij Defensie, en er is vergrijzing, dus hoe gaan we straks zorgen dat we Nederland veilig houden? Geen taboeonderwerpen durven te bespreken, lijkt mij wel het stomste wat je kunt doen.’ 

Wat is uw visie op het probleem van het personeelstekort? 
‘Dat is nu hét grote thema. Hoe zorg je dat de krijgsmacht aantrekkelijk blijft? Ik zou het mooi vinden om te zien dat de krijgsmacht zich op een nieuwe manier gaat verhouden tot de samenleving. Alleen veiligheidsretoriek werkt niet. Die retoriek heeft er juist voor gezorgd dat men na de Koude Oorlog dacht: ‘Laat de wereldvrede maar beginnen, we kunnen wel bezuinigen.’ Zo werkt het niet, want de krijgsmacht heeft jaren nodig om zich op te bouwen. Dus ik zie liever dat we op een andere manier uitleggen waarom Defensie zo belangrijk is. Wat doet de krijgsmacht allemaal? En wat is veiligheid eigenlijk?’ 

Komt uw achtergrond in de culturele sector daarbij ook van pas? 
‘Ja! Mensen vinden het vaak raar dat ik zowel woordvoerder ben van Kunst en Cultuur als van Defensie. Maar dat is helemaal niet vreemd. Kijk je naar conflictgebieden in de wereld, dan zie je vaak dat dictators als eerste de wetenschappers, journalisten, politici en kunstenaars bedreigen en onderdrukken, omdat dat de kritische geesten zijn. Wij sturen onze militairen dus naar gebieden waar wetenschappers en kunstenaars hun werk niet meer kunnen doen, om op een fysieke manier hun geestelijke vrijheid te beschermen. Kunst en Cultuur en Defensie zijn allebei belangrijk voor onze vrijheid. Ik neem het dus met liefde voor hen op.’ 

Dit interview verscheen eerder in de Militaire Courant editie maart 2020.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.