Interview: ‘Ze moeten denken: Wat doet die rare slungel hier?’ 

Jeroen Akkermans (1963) is een Nederlandse journalist met als standplaats Berlijn. Voor RTL Nieuws verslaat hij de oorlog in Oekraïne. Naast zijn tv-reportages onderhoudt hij een immens fotoarchief, schreef hij columns en maakte hij documentaires. Net na de bevrijding van Cherson heeft de Militaire Courant een vraaggesprek met hem. Nee, niet in Cherson, maar in een vestiging van restaurant La Place. De verwarming staat uit. Komen we toch nog een beetje in de stemming. 

Door Robert van Weperen 

Jeroen, wilde je altijd al oorlogsverslaggever worden?  

‘Nee. Ik voel me correspondent. Al decennia bericht ik over de Balkan en Oost-Europa, tot aan Rusland en de Kaukasus toe. Onvermijdelijk kwam zo de ene na de andere oorlog op mij af. Ik maakte reportages over de NAVO-bommencampagne in Servië en de eerste oorlog in Tsjetsjenië. En ik was in Georgië tijdens de Russische invasie in 2008. Een oorlog die vijf dagen duurde, waarbij ik mijn naaste collega en cameraman Stan Storimans verloor bij een Russische raketaanval. In 2014, toen Rusland de Krim annexeerde, het Donetsbekken gedeeltelijk bezette en de MH17 uit de lucht werd geschoten, was ik voor RTL Nieuws in Oekraïne.’ 

Waar was je toen op 24 februari 2022 Rusland Oekraïne binnenviel? 

‘In Lviv. Een week eerder maakte ik nog reportages in Marioepol. Zoals een portret van dirigent Vasili Kratsjok en zijn kamerorkest. Toen zei Kratsjok nog moedig: “We gaan ze tegenhouden met onze wapens van de kunst.”* Tijdens dezelfde reis bezocht ik de loopgraven in Avdiivka. Eenmaal in Kyiv verslechterde de situatie razendsnel. Mijn chef wilde dat ik daar wegging. In zo’n situatie zie ik mezelf als een zwemmer in een enorm zwembad die luistert naar de badmeester aan de kant. Hij had het overzicht. Zodra een front zich snel verplaatst, moet je extra oppassen wanneer je onderweg bent. Vlak voor het uitbreken van de oorlog ben ik naar Lviv gereisd. Live voor de camera vertelde ik dat ik mij zeer somber voelde. Ik kon alleen maar denken aan Tsjetsjenië, dat de Russen pas veroverden nadat ze het met de grond gelijk hadden gemaakt.’ 

‘Vergeten doe ik
niet. Het zijn mijn
schouders die steeds
breder worden’

Wat stop je in je koffer als je zo plots vertrekt? 

‘Vrijwel hetzelfde als ieder ander die op reis gaat. Dus ondergoed en wat broeken. Liefst praktische, sterke en onopvallende kleding. Dus niet zoals ex-BBC-correspondent Martin Bell – ik waardeer hem zeer – die altijd in een wit pak verslag deed. Zelf kies ik voor anonimiteit. Bij het woord PRESS dat met dikke letters op mijn scherfvest staan, heb ik al grote twijfels. Biedt mij dat bescherming? Of werken ze als een rode lap op een stier? Naar Oekraïne hoef ik geen rantsoenen mee te nemen. In de supermarkten liggen de croissants naast de Franse kaas en de kipsalade. De aanvoer blijft ondanks de oorlog verrassend goed. Dat vind ik ook zo moedig van die mensen die hulpgoederen naar bijvoorbeeld Charkiv rijden. Die zeggen dan: “Dat moet toch gewoon gebeuren?” Alsof het de normaalste zaak van de wereld is je leven te wagen. O ja, en ik neem altijd mijn loopschoenen mee. Ik jog graag nadat het luchtalarm “sein veilig” geeft.’  

Hoe kies je je bestemming? Hoe maak je een verhaal? 

‘In gebieden waar de oorlog zich afspeelt, hoef ik het verhaal niet te zoeken. Het komt naar me toe. Of dat nou in een loopgraaf is of op het station van het relatief veilige Lviv. Waarbij ik liever een toevallige ontmoeting heb met een boer dan een afspraak met een official. Neem die keer dat we naar Hostomel reden voor een reportage over die opgeblazen Antonov 225, het grootste vliegtuig ter wereld. Daar kwamen we bij toeval Galina tegen, die een maand in een kruipruimte onder een verwoeste flat had gezeten. Ze was voor het eerst weer buiten. Gefundenes Fressen, zeg je dan. Ik hoef het alleen nog maar op te rapen. Het was aandoenlijk. Ze snotterde: “Ik ben mezelf niet meer. Ik ben totaal veranderd.” Tja, daar heb ik niks meer aan toe te voegen. Sowieso houd ik het liefst zoveel mogelijk mijn mond, en laat ik de mensen hun verhaal vertellen.’ 

Hoe wordt het een tv-reportage? 

‘Televisie is ingewikkeld, want vier lagen. Inhoud, beeld, geluid en tekst moeten naadloos op elkaar aansluiten. En dan moet het óók nog eens televisie zijn, een lastige spagaat tussen authenticiteit en regie. Liefst regisseer ik zo min mogelijk. Ik stuur aan op spontane momenten. De cameraman of -vrouw moet dat aanvoelen. Verder monteer ik bijna alles zelf. Bij Galina grepen die vier lagen als vanzelfsprekend in elkaar. Zo iemand laat zich ook niet regisseren. Vervolgens doe ik de voice-over, waarna ik vanaf de gekste plekken de reportage – via dikwijls onzekere wifi – naar Hilversum stuur. Ik sta er niet te lang bij stil. Morgen een nieuw verslag.’ 

Wat is de rol van een fixer? 

‘Onze Oekraïense fixer Timo rijdt, hij kent de weg en heeft meer contacten dan ik. Hij schat onverwachte situaties goed in en is bovendien een beer van een vent. Verder spreekt hij Russisch en Oekraïens. Het lastige is dat ik tot een jaar geleden prima met mijn steenkolen-Russisch vooruit kon. Vandaag zijn er veel Oekraïners die weigeren Russisch te spreken.’ 

‘Het liefst houd ik
zoveel mogelijk mijn
mond en laat ik de
mensen hun verhaal
vertellen’

Hoeveel gevaar loop je?  

‘Ik tref vanzelfsprekend altijd voorzorgsmaatregelen en heb daarvoor speciale trainingen gehad. Daarbij leer je – simpel voorbeeld – dat je je auto altijd richting je vluchtweg moet parkeren. Je bouwt een vehikel op waardoor je op de juiste momenten op je qui vive bent. Toch blijft er altijd een restrisico. Ik heb weleens een kruisraket zien overvliegen, en vooral gehoord. Wat een naar geluid produceren die krengen, die overal in kunnen slaan. Maar een autorit van 500 kilometer over een tweebaansweg in de duisternis is evenmin zonder gevaar, terwijl daar nooit iemand over begint. Twee keer wist Timo ternauwernood een tegenligger te ontwijken.’ 
 
Hoe zit dat met verzekeren? 

‘Dat blijft een akelig onderwerp, waarop ik vaak word aangesproken. Als je het niet overleeft, is de uitkering eenduidig. Lastiger wordt het als je deels arbeidsongeschikt raakt. Dan moet je maar hopen dat de kleine lettertjes je niet in de kou laten staan. Zo’n oorlogsverzekering is de grootste kostenpost voor mijn baas. Freelancers kunnen zich zoiets niet veroorloven, maar toch zie ik ze veel in de frontgebieden. De overige kosten vallen mee. Onderweg geven we niet veel meer uit dan een budgettoerist. We zijn al blij als we onderdak en een warme maaltijd krijgen. Meestal tegen afbraakprijzen.’ 

Ben je ook getraind om in uiterste nood een wapen te hanteren? 

‘Nee, zo’n situatie heeft zich nog nooit voorgedaan en dat gaat ook niet gebeuren. Ik weet gelukkig ook niet hoe het werkt om iemand kapot te schieten. Ooit heb ik in Tsjetsjenië geposeerd met een wapen, maar dat doe ik nooit meer. Het voelde meteen heel slecht. Dan ga je wat mij betreft over een scheidslijn heen. Iedereen, zowel burgers als militairen, moeten denken: “Wat doet die rare slungel hier?” Ik ben journalist, geen soldaat.’ 

Waar zou je op dit moment graag een reportage willen draaien? 

‘In Cherson, de stad die maar liefst negen maanden bezet is geweest. Daar moeten nog zoveel verhalen verteld worden. Of in Donbas. Ik ken het goed, deed er regelmatig verslag tot 2017. Daarna kreeg ik, net als bijna alle Westerse journalisten, geen accreditatie meer. Verder zou ik graag met Russen praten, ook al is hun narratief in beton gegoten. Ik wil iedereen graag aan het woord laten, maar niet ten koste van alles. We zijn niet welkom aan de Russische kant. Als je het dan toch zou proberen, loop je voor mijn gevoel veel te veel gevaar, dat is het mij niet waard.’ 

Word je niet diepcynisch van al dat leed, de zinloze verwoestingen, die gruwelijke misdaden? 

‘Nee, cynisme is te makkelijk. Zelfs na het verlies van Stan hebben de Russen mij niet kapot kunnen krijgen. Ik heb het er nog wel moeilijk mee dat ze nog steeds elke betrokkenheid bij zijn dood glashard ontkennen. Maar de pijn gaat niet ten koste van de hoop die ik koester in mijn werk. Er is nog steeds vooruitgang. De oorlogsmisdaden in Georgië bijvoorbeeld kregen in 2008 nauwelijks aandacht. Terwijl veertien jaar later in de Oekraïense stad Boetsja gruweldaden zijn geconstateerd, omdat er een stuk of vijftig vertegenwoordigers van het Internationaal Strafhof snel ter plaatse waren om onderzoek te doen. Ik verbeeld mij niks, maar dat komt ook omdat journalisten zoveel aandacht voor deze oorlog hebben.’ 

Krijg je bij al die gruwelijkheden niet af en toe tranen in je ogen? 

‘Nooit. Het kan niet zo zijn dat ik meehuil met het verdriet van mensen die ik tegenkom. Ik leef wel mee, maar ik ben er om de situatie uit te leggen aan de kijkers. Soms slaap ik slecht, maar dat is een uitzondering. Galina bijvoorbeeld wilde dat ik nog even bleef, maar uiteindelijk moet je afscheid nemen. Ik breng dat ter sprake in de reportage. Als ik íéts ben, ben ik een passant, zoals bijna alle journalisten. Gelukkig maar. Ik ben dolblij dat ík niet een soldaat, forensisch deskundige of bewoner ben. Ik beperk mij tot mijn taak: verhalen maken en mensen een stem geven.’ 

Raak je door al die ellende niet aan de drank? 

‘Gelukkig niet, dan ben je snel uitgespeeld. Mijn relativeringsvermogen redt mij, anders zou ik stuk gaan in mijn hoofd. Dan zou ik zowel op mijn werk als privé uitgeschakeld zijn. Kijk, vergeten doe ik het niet. Het zijn mijn schouders die steeds breder worden, zodat ik het kan dragen.’ 
 
Hoe objectief is je verslaglegging? 
‘Zo objectief mogelijk is altijd mijn streven. Maar ik ben degene die het onderwerp bepaalt en de invalshoek kiest. Al deze besluiten zijn per definitie subjectief. Voor de rest registreer ik alles zo sober mogelijk. Ik verzin er niets bij, zo’n ontmoeting met Galina zuig ik niet uit mijn duim. Ik registreer zoals ik mensen of situaties aantref en daar wil ik het liefst zo min mogelijk aan veranderen.’ 

Heb je helden? Mensen die je voorbeeld zijn? 

‘Ik vind het makkelijker mijn anti-held te noemen: Rupert Murdoch, voormalig CEO van een van ’s werelds meest invloedrijkste mediaconglomeraten. Hij heeft als een van de eersten al in de jaren zeventig journalisten als polariserende activisten ingezet, omdat dat goed verkoopt. Populisme is niet per se slecht, maar het is een verdienmodel. Het Amerikaanse Fox News komt voort uit zijn school. Twitter – een podium voor een brei aan meningen – is ook uit dit verdienmodel voortgevloeid. Je bent voor, of tegen. Daar zit niets tussen, terwijl ik vind dat je als journalist altijd oog moet blijven houden voor de nuance. Die kan juist zo spannend zijn.’ 

‘Ik koester hoop
in mijn werk,
er is vooruitgang’

Hoe loopt de oorlog af? 

‘Er vallen onvoorstelbaar veel doden in deze barbaarse, middeleeuwse oorlog. Ze luidt wat mij betreft sowieso het einde van Poetin in. Maar de prijs wordt met de dag hoger. Er is alleen voor beide partijen geen weg meer terug. Echter, ik ben ervan overtuigd dat Oekraïne uiteindelijk als overwinnaar uit de oorlog tevoorschijn komt. Het ontketende land heeft alles te winnen, terwijl het Rusland alleen nog maar verliezen kan. Op het slagveld van Oekraïne zien we de laatste, bloedige stuiptrekkingen van het Sovjetimperium.’ 

* Als Vasili Kratsjok naar Berlijn gevlucht is spreekt Akkermans hem opnieuw, Vasili is een gebroken man. Deze en vele andere reportages staan op https://www.rtlnieuws.nl/tags/personen/jeroen-akkermans  

www.jeroenakkermans.nl 

YouTube Jeroen Akkermans https://tinyurl.com/hsfmtb2c 

Dit interview verscheen eerder in de Militaire Courant van december 2022.

De Militaire Courant is mede mogelijk gemaakt door Noventas verzekeringen

Geef een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.